Day Of Week
Day Of Week
Day Of Week
Day Of Week
Day Of Week
27
31
30
29
30
Month
Month
Month
Month
Month
2025
2024
2023
2022
2023
09
00
23
22
23
57
00
59
58
59
57
00
59
58
59
Kaart is van Heerlen 1803.

De rode lijnen zijn de grensen in Limburg in de 18de eeuw. Heerlen behoorde tot de 7 provincies terwijl Kerkrade en Schaesberg bij het Habsburgse rijk zaten
.
De rode puntjes zijn de huizen of boerderijen. Met daaromheen landerijen
.



Stacks Image 1522
Korte geschiedenis van de Molenberg.

Veel mensen denken dat de naam te danken is aan de molen, maar dat klopt niet helemaal.
Kijken we naar de demografische geschiedenis van Heerlen, dan zien we rond de negentiende eeuw een stabiel beeld, gevolgd door een opmerkelijke dip. Volgens historische demografische overzichten (zoals gepubliceerd door de historische kring
Land van Herle) bleef de bevolking rond de eeuwwisseling stabiel op een kleine 3.500 inwoners. Dit wordt ondersteund door de officiële data uit die tijd:
  • 1796 (Franse volkstelling): Bij deze eerste officiële telling in de regio telde de Mairie (gemeente) Heerlen 3.435 inwoners.
  • 1803: Uit dit jaar stamt de bovenstaande kaart van Heerlen.
  • 1815: Bij de overgang naar het Koninkrijk der Nederlanden telde Heerlen 3.461 inwoners (volgens sommige bronnen 3.631).
  • 1840: In dit jaar was het aantal inwoners zelfs fors teruggelopen naar circa 1.700.
De grote bloei en omslag kwamen in eerste instantie door de aanleg van de spoorweg in 1896. Deze spoorverbinding was hard nodig om de kolen van de Oranje-Nassau I (ON I) te kunnen vervoeren.
De weg naar de opening van deze eerste mijn verliep in een aantal cruciale stappen:

Concessie
1893
Henri Sarolea krijgt de concessie voor het mijnveld.


Aanleg schachten
1896
De officiële aanleg van de eerste twee schachten (Schacht I en Schacht II) begint onder leiding van de Duitse mijningenieur Friedrich Honigmann.


Eerste steenkool
1898 (30 maart)
Het carboon (diepe steenkoollaag) wordt bereikt en de allereerste, symbolische brok steenkool komt naar boven.

Officiële opening
1899
De schachten worden ondergronds met elkaar verbonden voor de noodzakelijke luchtverversing. De commerciële exploitatie begint en de mijn wordt officieel geopend.

Met de opening van de mijnen groeide het aantal inwoners van Heerlen gestaag; er waren immers enorm veel arbeidskrachten nodig om de kolen te ontginnen. De spoeling werd al snel dun: de arbeiders kwamen eerst uit heel Nederland, maar toen dat niet meer voldoende bleek, trok de mijnbouw mensen aan uit heel de wereld. Zo kwam de allereerste bewoner van mijn eigen huis zelfs helemaal uit Zuid-Amerika.

De explosieve groei van de mijnstad
Met de opening van de mijnen groeide het aantal inwoners van Heerlen in een ongekend tempo; er waren immers enorm veel arbeidskrachten nodig om de kolen te ontginnen. De demografische cijfers laten deze explosieve transitie glashelder zien:
  • 1900: ca. 6.300 inwoners
  • 1910: ca. 10.000 inwoners (een verdubbeling in slechts tien jaar tijd)
  • 1930: ruim 32.000 inwoners
  • 1953: bijna 64.000 inwoners (een vertienvoudiging ten opzichte van de eeuwwisseling)
De spoeling werd destijds al snel dun: de arbeiders kwamen eerst uit heel Nederland, maar toen dat niet meer voldoende bleek, trok de mijnbouw mensen aan uit heel de wereld. Zo kwam de allereerste bewoner van mijn eigen huis zelfs helemaal uit Zuid-Amerika.

De kaart van 1803: Velden, grenzen en de naam 'Molenberg'
Als we terugkijken naar de kaart uit 1803, toen Heerlen nog een bescheiden gemeenschap van zo'n 3.500 zielen was, vallen de rode punten direct op. Dit zijn de toenmalige huizen en boerderijen. Wie de kaart goed bestudeert, ziet oude veldnamen staan zoals het Meulenveld, het Crutzerveld en het Caumerveld.
Hier ligt ook de ware herkomst van de naam van de huidige wijk. De naam 'Molenberg' is namelijk niet rechtstreeks afkomstig van de Caumermolen (de Oliemolen), maar van de historische
Hoeve de Meulenberg, waar het Meulenveld bij hoorde. Deze hoeve bestaat nog altijd en ligt aan de Justin van Maurikstraat. Wel dankt de hoeve haar naam indirect aan de molen, omdat zij op de berg bij 'de Meulen' lag.
Overigens lag de hoeve helemaal niet boven op de top van de berg, en dat had een heel praktische, bouwkundige reden. In die tijd bestond er nog geen waterleiding. Men moest op het erf een waterput slaan. De kans dat je daadwerkelijk zuiver en schoon grondwater vond, was halverwege de helling vele malen groter dan helemaal bovenaan. Bovendien zorgde de bodemfiltratie langs de helling voor perfect gezuiverd water.

Het Crutzerveld en een Franse spelfout
Het aangrenzende Crutzerveld behoorde oorspronkelijk toe aan een hoeve in Schaesberg die werd gepacht door de familie Crutzer. Dat de straat op de Molenberg tegenwoordig de Crutserveldweg heet, is historisch gezien dan ook een spelfout; het had eigenlijk Crutzerveldweg moeten zijn. Tijdens de bezetting hadden de Fransen namelijk moeite met de letter 'n' aan het einde van de naam 'Crutzen', waardoor ze er in de registers een 'r' van hebben gemaakt — een interessant feit, aangezien dit mijn eigen achternaam is.
Wie nog verder inzoomt op de oude kaart, ziet bovendien een duidelijke rode lijn lopen. Dit was een historische grens: de scheiding tussen het Oostenrijkse gebied en het Staatse gebied. Heerlen maakte destijds deel uit van de Republiek der Zeven Verenigde Nederlanden, terwijl Kerkrade destijds onder Oostenrijks bewind viel.

De opbouw van de wijken: Van Stuytwijk tot Witte Wijk
Al die duizenden nieuwe mijnwerkers en hun gezinnen hadden natuurlijk een dak boven hun hoofd nodig. Om in die enorme woningbehoefte te voorzien, werd de Stuytwijk als allereerste echte wijk uit de grond gestampt. De bouw hiervan begon in 1913 en nam uiteindelijk tot 1938 in beslag. Voor de opzichters en lokale notabelen werd de statige Molenberglaan aangelegd, en in de jaren vijftig volgde de bungalowbuurt aan het Dalpad.
Begin jaren vijftig (1951-1952) verrees de
Witte Wijk, die voornamelijk bedoeld was voor beambten. Dit project was destijds een primeur: het waren de allereerste huizen in Nederland die volledig met prefab betonplaten werden gebouwd. Hoewel de woningvereniging de huizen rond de eeuwwisseling wilde slopen, leidde hevig verzet vanuit de buurt in 2004 tot een grootschalige renovatie. De woningen kregen hoogwaardige buitenmuurisolatie en kunststof kozijnen met HR++ glas. Dankzij deze ingreep is de verwachte levensduur verlengd tot ten minste 2054. Dat deze isolatie destijds uiterst effectief is uitgevoerd, merk ik dagelijks in de praktijk: mijn eigen gasverbruik in deze wijk ligt op een zeer bescheiden 361 kuub per jaar.
De wijk is sindsdien flink veranderd. Waar nu het groene
Vossepark ligt, stonden vroeger grote flats, en op de plek van het huidige Annie M.G. Schmidtplantsoen stonden destijds duplexwoningen. De karakteristieke, oude buurten hebben de tand des tijds gelukkig doorstaan en zijn inmiddels officieel verklaard tot beschermd stadsgezicht.